Terwijl de lucht
i
n deze Hollandse zomer 
weer eens onbekommerd blauw is gekleurd lees ik dat de namen van de slachtoffers van drie jaar geleden worden voorgelezen. 
Een traan, bekommerd. 
Met een klap zijn de levens, van hen die ze lief hebben gehad, voor altijd veranderd. 
 
Ik lees dat de rijk verdienende voetballende Ajax-talenten sinds vorige week niet meer kunnen juichen om hun doelpunten. 
De gedachten aan hun Nouri, die plots van iedereen is geworden, houdt hen nu eens met beide voetbalschoenen op de grond. Het onbekommerd genieten van succes is bij het ineenzakken van hun vriendelijke vriend voor even verdwenen. 
 
Op de plankjes in mijn tuinschuurtje, bedoeld als geniet plekje op mijn stadse huis terrasje, heb ik onze Maria gepositioneerd.
Ze is van Zuid-Amerikaanse afkomst. Boven mijn hoofd kijkt ze vanaf hier onze nieuwe huiskamer in. Haar stenen lijf wordt verwarmd door de kaarsen om haar heen. Zij bekommert zich deze dag om al dat leed van nabestaanden.
Het leed van de voetballende rijke jongens. 
Ze bekommert zich om de zorgen van mezelf. 
 
Met het verstrijken van mijn jaren slaat de onbekommerdheid om naar bekommering.
Om te beseffen en nooit te vergeten,
dat het slechts, 
en enkel en alleen, 
en nooit meer anders,
om het geluk 
van de gezondheid van het leven zal gaan. 
 
Al het andere,
is nietig
en ondergeschikt. 

Alle blogs