Afdrukken
Daar staat hij dan, te kijken in de spiegel van zijn ziel. De ziel weerspiegelt in de ogen van zijn kind.
Het geluk van zijn kind, is zijn geluk.
Het verdriet van zijn kind, is zijn verdriet.
Zijn kind in het nu, is zijn geschiedenis.
Het gevoel van zijn kind, is zijn gevoel.
De verwachtingen en verlangens van zijn kind, zijn de zijne.

De ziel, als donderslag bij heldere hemel, afgestoft.
Blootgelegd, pijnlijk, verwoestend, confronterend.

De strijd voor het gelijk  van zijn kind, is zijn strijden in de herhaling.
Het streven naar het geluk van zijn kind, is het veranderen van de loop van de rivier van zijn eigen geschiedenis.

De blik in de spiegel van zijn ziel, heeft de spiegel doen laten breken.
En bij het oprapen van de stukken, ziet hij in ieder gebroken stuk een deel van het verhaal.
En stuk voor stuk, plakt hij ze weer aan elkaar.
De ziel, nu eens door de barsten, zichtbaar getekend, maar geheeld.

Geheeld en gesterkt, om het evenbeeld in zoveel doen en laten.
Te begeleiden naar een ziel met minder barsten.